Lokvoer Brasem

 

Een brasem zoekt zijn soortgenoot in de regel op en vervolgens vormen ze grote scholen. Er is daarbij vaak een indeling te maken naar leeftijd en afmeting. Door een schrikreactie kunnen de scholen overdag uit elkaar gaan, maar als ’s avonds de rust wederkeert, zoeken ze elkaar weer op en gaan dan gezamenlijk op zoek naar geschikt voedsel.

De beste methode om de brasem op één plek bij elkaar te krijgen en te houden is deze: ‘s avonds tegen het donker een voerstek maken en daar de volgende morgen het aas uitwerpen. Brasem is voornamelijk in de ochtend, wanneer het licht wordt, gemakkelijk te vangen en dan specifieker de zware brasem. Het moet zo rustig mogelijk zijn. Als je gaat vissen is het bijvoorbeeld niet verstandig om zware voerballen in het water te smijten. Op deze manier zul je de brasem alleen maar verjagen.

Als je ’s ochtends of ’s middags begint met vissen en nog een voerstek moet gaan maken is de kans groot dat je niks zult vangen. Op dat moment is de kans zeer klein dat er een school brasems aanwezig is. De brasem heeft een scherp vermogen om reuk en smaaksporen op te pikken en zal dan op zoek gaan naar de plaats waar deze reuk vandaan komt. Is daar niets van zijn gading te vinden dan zal hij spoedig weer op zoek gaan naar een ander reukspoor. Ligt er op een stek alleen maar zwaar grondvoer, dan ben je aangewezen op vissen die deze plaats toevallig ontdekken. Een combinatie van zwevend lokvoer en liggend lokvoer is dan ook het best.

Iedereen heeft wel een “eigen” wondervoertje gemaakt voor grote brasem en vaak geheim gehouden. Toch hebben we hieronder enkele verschillende samenstellingen lokvoer voor het vangen van brasem opgetekend: 

Voerballen van oud brood

De beginnende visser zal wat lokvoer betreft eenvoudig beginnen. Wie bij de bakker een oud brood op de kop kan tikken heeft al een zeer goede basis. De dikke bruinen korsten er af snijden en het in water laten weken. Daarna zeer goed door elkaar kneden tot een behoorlijk weke pap. Het kan hierna stijf gebracht worden door er droge havermout aan toe te voegen. Hier voerballen van kneden die ongeveer zo groot als een sinaasappel en een aantal op de voerstek deponeren. Druk met de duim een gat in de voerbal. Stop in het gat een handje maden en druk de voerbal daarna van boven weer dicht. De maden zitten binnen in maar gaan naar buiten wroeten op en rond de lokplaats.

Macaroni als lokvoer

Als het om vast voer gaat is ook gekookt macaroni ideaal voor de brasem. Neem hiervoor de zogenaamde elleboogjes macaroni. Kook de macaroni en giet het af. Na het afkoelen meng je er een eetlepel slaolie doorheen. De macaroni blijft nu log van elkaar en kan worden uitgestrooid op de voerstek, met in het midden de voerballen.

Als je ’s ochtends een voerstek maakt dan kun je de brasem het best lokken met zwevend voer. De aanwezigheid van de brasem op de voerstek is vaak waar te nemen uit de kleine gasbelletjes aan het oppervlakte. De brasem staat dan in de bodem te wroeten met zijn uitstulpbare bek en er komen dan gasbelletjes vrij. Voer dan niet met zware voerballen. Dit zijn dan als het ware bommen.

Bijvoeren

Gebruik als je gaat bijvoeren een soort van lokaas dat direct in het water uiteen valt. De zware delen dwarrelen snel naar de bodem en het lichtere voer blijft enige tijd in het water zweven. Er ontstaat dan vaak voedseldrift bij de brasem. Elke brasem wil de eerste zijn en het aas op de haak wordt zonder aarzelen aangenomen. Vis je met een stukje aardappel, dan moet je er zonder meer fijngewreven aardappel in het grondvoer doen. Naast maden is een grote vlok witbrood op de haak ook goed aas.

Brasem recept 1: Oud bruinbrood goed voorweken, maaszand of klei erdoor kneden. Daarna havermout vlokken erdoor kneden.

Brasem recept 2: 4 delen broodmeel, 2 delen beschuitmeel, 2 delen koekjesmeel en 2 delen collant (=gemalen renpaarden voer)

Brasem recept 3: 4 delen broodmeel, 2 delen beschuit, 2 delen maismeel, 2  delen collant (of een deel collant en een deel copra-melasse) en eventueel suiker

Brasem recept 4: 500 gr broodmeel, 50 gr maismeel, 150 gr kokosmeel, 100 gr havermout, 50 gr zemelen en 150 gr koekjesmeel

Brasem recept 5: 1 deel broodmeel, ½ deel Italiaanse polenta,  ½ deel paneermeel, 1/8 deel wafelmeel (vanille),  ½ deel koekjesmeel (stroopwafelmeel), ¼ deel copra melasse (voor diep en stromend water ¼ deel notenmeel)

Brasem recept 6, ouderwets recept: 1/4 dl paneermeel, 1/4 dl beschuitmeel, 1/4 dl polenta (Italiaanse), 3/32 dl Hennepmeel (gekookt), 1/32 dl aardappelvlokken, 1/16 dl notenmeel (donkerste die te koop is), 1/16 dl havermout(meel) en 1/16 dl koekjesmeel.

Het geheel goed mengen. Daarna zonder maden mengen en minimaal twee maal door een (keuken) zeef drukken om het goed los en toch pakkend te maken. Eventueel hennep aanmaken met een lokstof.